#4 RMDRDJH: No hard feelings

In de rubriek Roeien met de riemen die je hebt lees je hoe ik de afgelopen weken mijn hoofd boven water hield met de zorg voor mijn kind met autisme en baby van zeven maanden zonder kinderoppas, de verantwoordelijkheid over 34 vrijwilligers en veertien gezinnen en het Early Intervention Parent Training Program dat gerund moest worden. Terwijl in de tussentijd alles, maar dan ook letterlijk écht A-L-L-E-S misging. Ik presenteer u… No hard feelings!

 

‘Hanan, Hanan!’

We dwalen wat rond totdat ik iemand mijn naam hoor roepen. Ik herken de stem niet. Wat overkomt mij nu dan? Ik probeer na te gaan waar het geluid vandaan komt. Waar moet ik kijken? “Hanan!” klinkt het nog eens. Het lijk wel van boven te komen. Ik werp een blik omhoog en kijk de lawaaimaker recht in het gezicht…

Hij staat bovenop het fort, wij staan beneden, nog steeds een beetje glazig omhoog te kijken. Ik moet nog eens goed kijken voordat ik de persoon herken. Het kwartje lijkt maar niet te vallen. ‘Hanan, Hanan!’ roept de herriemaker nogmaals. ‘Ik ben het, Abderrahman!’. Nee, het zou toch niet… Dat is bizar!

 

Herkenbaar stemgeluid

Abderrahman betekent veel voor Larache. Hij zet zich onder andere in voor verschillende ecologische projecten en begeleidt initiatieven voor en door jongeren. Ik ben erg trots op wat hij voor de stad doet. Op zijn Facebookpagina kun je zijn werk bekijken!

In Spanje heb ik veel telefonisch contact met Abderrahman gehad over de opstart van het project, maar we hebben elkaar nog nooit in levende lijven ontmoet. Hoe weet hij dan dat ik het ben? ‘Ik herken jouw stem uit duizenden,’ zegt hij, wanneer hij van bovenop het fort naar beneden is gekomen. Ik begin te lachen – het is toch eigenlijk wel erg dat mensen mij herkennen aan mijn stemgeluid hè?!

‘Hoe is het?’ vraagt Abderrahman geïnteresseerd. ‘Ja, het gaat wel goed,’ antwoordt ik. ‘We zijn gisteren aangekomen en moeten nog een hele hoop dingen regelen in de villa.’. We spreken een dag en een tijd af om wat zaken voor de opstart van het Early Intervention Parent Training Program te regelen. Eindelijk is de rust in mij wedergekeerd. Ik heb het gevoel dat het allemaal wel goed gaat komen.

 

‘Geen cent meer!’

Wel voel ik me nog steeds een beetje lullig naar Oussama toe. Die jongen heeft gisteren om 12 uur ’s nachts een taxi vanuit Kénitra naar Larache gepakt om mij te helpen. Ik bel hem op. ‘Hoi Hanan, ik ben net klaar met ontbijten. Kom je anders even hierheen?’ vraagt hij. Yahya, Ayoub, Tante Truus – die nog in volle glorie na glundert van ons heerlijke ontbijtje en de tour door Larache – en ik stappen in de taxi naar het huis van Oussama, die ik overigens óók enkel via de telefoon heb gesproken en nog nooit in het echt heb ontmoet.

‘Je betaalt geen cent meer!’ roept Oussama. Hij is ontzettend vriendelijk en spreekt perfect Engels. ‘€750,- is de afspraak. Niet meer en niet minder,’ zegt hij. Ik herinner me een telefoongesprek met Oussama waarin hij me trots vertelde dat hij €250,- van de vraagprijs had weten af te dingen. Typisch Marokko, haha. ‘Ik vind het ook niet erg om €1000,- te betalen,’ zeg ik tegen Oussama. ‘Het is een goede deal, alsnog vrij goedkoop!’ op hetzelfde moment bedenk ik me. ‘Maar eigenlijk weet ik niet helemaal of ik me daar nog prettig voel. Het water doet het niet, die man is vreemd…’ zeg ik.

 

Rustige, welbespraakte man

‘Wij gaan gewoon een gesprek aan,’ zegt Oussama vastberaden. ‘Hoe dan ook gaat dat gesprek er komen,’ hij blijft rustig. ‘Er zijn afspraken gemaakt en die moeten zij gewoon nakomen.’ Ik ben echt onder de indruk van zijn kalmte. Achteraf hoorde ik dat hij pisnijdig was. Als ik er zo op terug kijk heb ik alleen maar meer bewondering voor deze eigenschap van deze middentwintiger.

We gaan naar Oussama’s vader. Oussama heeft het niet van een vreemde: zijn vader is een rustige, welbespraakte man. Hij zegt dat we gewoon een gesprek aan moeten gaan. Dus, daar gaan we! Klokslag 11.30 u staan we voor de deur van de villa. De man van de villamevrouw is er niet. Aan het meisje van een jaar of 10 (ik vermoed de dochter, maar ik ben inmiddels wat betreft familiebanden het spoor bijster in deze villa) vraag ik waar de man is. ‘Hij zit in het café hier verderop,’ zegt ze. ‘Kan je alsjeblieft zorgen dat hij snel naar hier komt?’ verzoek ik haar vriendelijk.

De villamevrouw is wederom nergens te bekennen. ‘Kan jij je moeder even halen?’ vraagt Oussama aan het 10-jarige meisje. Ze loopt meerdere keren weg en komt meerdere keren terug, maar telkens zonder moeder. ‘Ik ga het gesprek niet aan zonder de villamevrouw,’ zegt Oussama. ‘Ik heb afspraken gemaakt met haar,’ hij legt een flinke nadruk op het woord haar.

 

‘Interesseert me niet!’

Vrij snel is de man van de partij. Binnen no-time vult hij de woonkamer met zijn aanwezigheid. Oussama vraagt het meisje nogmaals of ze haar moeder kan halen. Dit keer met succes: ook de villamevrouw neemt plaats in de woonkamer. Oussama begint het gesprek. Hij wendt zich tot de villamevrouw. ‘Ik heb afspraken met jou gemaakt,’ zegt hij met dezelfde kalmte als eerder deze ochtend. ‘Nee, nee,’ onderbreekt de man Oussama. ‘Je praat met mij!’

‘Oké, prima,’ zegt Oussama. ‘Maar ik zal u even herinneren aan hoe het gesprek is gegaan,’ zegt hij. Nog voordat Oussama zijn zin af kan maken, wordt hij brutaal onderbroken door de man. ‘Interesseert me niet,’ zegt hij. ‘Nee, het interesseert me gewoon niet hoe het gesprek is gegaan,’ herhaalt hij zijn zin. ‘Nou ja, dat is toch wel enigszins belangrijk meneer, want er zijn hier afspraken gemaakt,’ zegt Oussama.

De man komt nogal labiel op mij over. Hij zwaait met zijn handen, wiebelt op zijn stoel en roept dat we wel even nieuwe afspraken gaan maken. Oussama stelt voor om eerst te bespreken wat we oorspronkelijk hadden afgesproken: €750,- voor zes weken. Aziz, de vader van Oussama grijpt in. ‘Luister,’ zegt hij rustig.

 

Koning des huizes

‘Meneer, u hoeft zich niet op te winden. U bent koning des huizes, u bent de baas,’ zegt Aziz. Hij is exact het tegenovergestelde van de man tegenover hem. Een groot contrast – aan de ene kant Aziz, de rust zelve en aan de andere kant de man van de villamevrouw, nog steeds wiebelend met zijn armen in de lucht. ‘Meneer, wat u zegt gaat gebeuren,’ vervolgt Aziz in alle kalmte. ‘Maar laten we in ieder geval het gesprek aangaan.’

‘Jullie willen mij belazeren,’ begint de man te tieren. ‘Jullie denken zeker dat de villamevrouw het niet snapt. Een beetje profiteren van een alleenstaande vrouw, zeker?!’ zegt hij. Huh, een alleenstaande vrouw? Het wordt steeds gekker. Deze meneer blijkt al een tijdje gescheiden te zijn van de villamevrouw, maar vond het nodig zijn gezicht te laten zien toen hij hoorde dat zij de villa zou verhuren. De man brult nog even door en schildert de villamevrouw af als een slachtoffer van ons. Ik zie dat Oussama het moeilijk heeft.

 

Drieduizend euro

‘Maar meneer, ik heb deze prijs helemaal niet verzonnen,’ onderbreekt Oussama de man. Hij blijft de schuld bij ons leggen en laat Oussama alles behalve uitpraten als hij probeert het tegendeel te bewijzen. De man zegt verder niets meer over de prijs, alleen dat hij het geld hard nodig heeft. Ik kan aan de houding van de villamevrouw aflezen dat ze ons niet kwijt wil. Op den duur neemt het gesprek een andere wending aan. De man kalmeert een beetje en Aziz stelt de man nog een laatste keer gerust. ‘De dames gaan hun spullen pakken en je hebt het volledige huis weer tot je beschikking,’ zegt Aziz. ‘Nu kun je de villa verhuren voor drieduizend euro aan iemand anders!’

Zelfs als de man wel bereid was geweest tot het sluiten van een compromis had ik het niet gewild. Ik zou een naar gevoel hebben gehad als hij op bezoek zou komen, puur omdat hij zo onberekenbaar overkomt. Aziz zegt dat hij wel even op de kinderen let, zodat ik rustig mijn koffers kan pakken. Gelukkig heb ik de helft al ingepakt en is Tante Truus vóór het gesprek al naar boven gegaan (wellicht ook beter voor haar gemoedstoestand).

 

No hard feelings

Wanneer ik boven kom en op Tante Truus haar deur klop, zie ik haar de laatste onderbroekjes in haar tas proppen. Ik slaak een diepe zucht en sta even stil bij de rommelige situatie waar we ons momenteel in bevinden. Zucht. Zelf gooi ik ook nog de laatste spullen in mijn koffer. Ik wil hier weg. Aziz en Oussama dragen de koffers naar beneden en we bieden nog een laatste keer onze excuses aan aan de villamevrouw en haar gezin voor de verwarring. We lopen de deur uit. ‘No hard feelings’ zeg ik tegen de man in het Arabisch.

Daar staan we weer, inclusief alle tassen, koffers, de kinderwagen. Ook de hete zon blijft niet uit. Wat nu denk ik? ‘Wat nu?’ zeg ik hardop. Nog drie dagen voordat de eerste vrijwilligers arriveren…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s