Dit moet ik ff vertellen: het katten catastrofe

In Dit moet ik ff vertellen neem ik je mee in mijn dagelijkse avonturen. Van blije ‘mag ik mijn kind niet gewoon opeten?!’-momentjes tot hinderlijke situaties in de supermarkt. Van betweters die mij vervelen met hun theorieën over het ontstaan van autisme tot Yahya’s superfans. Deze week moet ik je écht ff vertellen over… Het katten catastrofe.

Ik kan Yahya op vele fronten vertrouwen, maar als we het over katten of water hebben… Breek me de bek er niet over open. Hij rent als een dolle achter katten aan en het gevaar van water ziet hij ook niet in. Wanneer ik hem probeer te redden uit een situatie met water, spreekt zijn onschuldige koppie boekdelen: ‘wat is er nou mama, water is toch juist leuk?!’. Ja, taferelen waar Yahya, katten en/of water bij betrokken zijn, hebben me inmiddels al heel wat knikkende knietjes en jaren van mijn leven gekost.

Het is woensdag en samen met Ayoub ben ik onderweg naar Yahya’s school. Yahya is vaak erg moe als hij terugkomt van school. Twintig minuten lopen is in dat geval geen pretje. Zowel voor hem als voor mij niet. Gelukkig hebben we daar een oplossing voor: het skateboardje aan de kinderwagen waar hij lekker op kan staan. Om Yahya’s aandacht erbij te houden en te voorkomen dat hij gaat hangen, maak ik altijd een heel avontuur van onze heuvelafwaartse tocht naar huis. Op ieder zebrapad is de vloer lava en elk stoepje is een mega obstakel waar we met zijn drietjes overheen moeten klimmen. Dit alles uiteraard inclusief special effects.

We lopen over de Calle de Campo, een brede straat waar de auto’s redelijk rustig rijden en ik goed overzicht heb op alles wat er gebeurt. Mijn oog valt op een prachtige siamese kat. Ik neem onbewust even te tijd om hem aandachtig te bewonderen. Een mooie, slanke kat. Bruin met zwart. Mooie ogen. Ja, echt prachtig. De kat steekt op zijn gemakje de weg over. Gelukkig is Yahya moe en heeft hij weinig aandacht voor de kat. Terwijl de kat oversteekt, loop ik langs. De kat bevindt zich schuin achter mij.

yahya skateboard
Ayoub in de kinderwagen en Yahya op zijn skateboard op Calle de Campo

Ik wil nog een laatste blik werpen op dit volmaakte beest. Ik weet niet wat ik zie. Er rijdt een auto voorbij, de kat vliegt in de lucht. Als ik er nu aan terugdenk heb ik direct weer buikpijn. Op een microseconde na heb ik de aanrijding gemist, ik zie alleen het treurige gevolg: als een soort propeller vliegt de kat 30 cm boven de grond waarna hij een doffe klap maakt. Je kunt zien de tragedie zich op lage snelheid heeft afgespeeld. De auto moet maximaal zo’n 30 km per uur gereden hebben.

Door de klap schokt de kat spastisch na langs de kant van de weg. Er ligt overal bloed. Letterlijk o-ver-al. Ik verkeer in zo’n grote toestand van schok. Ik ga midden op de straat staan. De auto is mij zojuist voorbij gereden. Ik betwijfel enerzijds of de bestuurster heeft gezien dat ze de kat heeft aangereden, maar anderzijds wil ik niet te lang stilstaan bij het idee dat ze met volledige bewustzijn zomaar is doorgereden. Ik kijk naar het hoopje ellende dat ik enkele minuten geleden zo aan het bewonderen was en weet echt even niet wat ik moet doen. Mijn Spaanse vocabulaire is plotseling verdwenen en ik begin te roepen.

‘Oh, my god! Oh, my god! Stop! STOP!’ schreeuw ik. Ik bevind mij nog steeds midden op de straat, met de overtuiging dat de bestuurster mij in haar binnenspiegel ziet staan. Ze rijdt nog steeds langzaam en het kán haast niet dat ze mij over het hoofd ziet. Daarnaast moet ik – in tegenstelling tot de kat – haar wel eerder wel opgevallen zijn. Ik ben de enige moslima in het dorp, ik loop met een opvallende kinderwagen en ze reed zo rustig… Tot slot lijkt het me sterk dat ze met enige regelmaat op deze manier wordt nageroepen.

Ik blijf zwaaien en roepen totdat alles wat er van haar auto overblijft, een stip in de verte is. Tevergeefs. Ze stopt niet, keert niet om, niets. Vanuit mijn frustratie kan ik het niet laten om nog een keer heel hard ‘YOU BITCH!’ te schreeuwen. Verderop staat er een elektricien in de straat. Ondanks alle paniek en ellende tientallen meters bij hem vandaan, bespaart hij zichzelf de moeite om op of om te kijken. ‘Señor, señor! Wat gaan we doen?’ roep ik hem toe. Hij draait zich om en staat versteld. ‘Huh, is dat nu net gebeurd?!’ zegt hij.

‘Ja,’ zeg ik verdrietig. Ik wijs naar de auto van de aanrijdster, die onderaan de heuvel – in de verste verte – nog net aan te zien is. ‘Hijo de puta,‘ roept hij. ‘Wat moeten we doen, wat moeten we doen?’ vraag ik. Onbewust leg ik de nadruk op ‘wij’. Waar ik niet weet wat ik met situatie aangereden kat moet, weet meneer de elektricien niet wat hij met mij aanmoet. Ik kijk naar de kat. Het beestje beeft nog een laatste keer en sterft dan voor mijn neus. Daarna kijk ik naar mijn kids. Terwijl Yahya normaal direct op katten afrent of zich graag wil bemoeien met bijzondere situaties als deze, heeft hij nu niet door wat hier gebeurt. Thank god. Hij staat super netjes te wachten tot mama weer bij hem komt.

Ondertussen ben ik nog steeds aan het gillen tegen meneer de elektricien. ‘We moeten de dierenambulance bellen!’ denk ik hardop. ‘Nee, of toch niet. De kat is al overleden, die gaan ze waarschijnlijk niet eens meenemen,’ denk ik daarna. Mijn gedachten schieten alle kanten op. Dan kom ik tot de conclusie dat Spanje misschien meer Marokko is, en ze hier helemaal geen dierenambulance kennen zoals ze die in Nederland hebben… Hoe dan ook, ik kan deze bedoening niet meer aanzien.

Langs de kant van de weg zie ik een Lidl krantje liggen. Ik bedek het kopje van de kat, papier om de rest van de kat te bedekken is er niet. Meneer de elektricien ziet wat ik doe, kijk om zich heen en wendt zich tot de prullenbak die naast hem staat. Hij haalt een grote plastic vuilniszak eruit en bedekt de kat met de zak. Ik voel me enigszins gerustgesteld, maar bedenk me dan dat ik het niet over mijn hart kan verkrijgen om de kat hier zo achter te laten. Ik spreek mijn bezorgdheid uit naar de elektricien.

‘We kunnen deze kat hier toch niet zo achterlaten?’ zeg ik. Hij lijkt dit de beste oplossing te vinden. Zijn taak zit erop. Super verdrietig loop ik terug naar huis. ‘Que mala, que mala, wat is zij slecht!’ roep ik nog een paar keer om mijn verdriet een plekje te geven.

De volgende ochtend kan ik mijn tranen niet drukken. Ik vind het zo erg wat ik gisteren heb gezien en hoe ik het diertje daar heb achtergelaten. Rond het middaguur besluit ik om even terug te gaan naar Calle de Campo. De kat is weg. Wat een verademing. Er is nog een schijntje zichtbaar van de sporen van de aanrijding van gister. Ik sta even stil bij de persoon die vermoedelijk gisteravond thuiskwam van zijn/haar werk en deze catastrofe voor de deur aantrof. Ja, ik had echt meer willen doen, maar ik kon het niet riskeren dat mijn kinderen alle kanten opvliegen in de buurt van een autoweg.

Thank god heeft Yahya niets doorgehad. Hij was niet onder de indruk en alle details zijn hem ontgaan. Door Yahya’s autisme is deze tragedie hem bespaard gebleven. Alhamdullilah!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s